Lotingsklassen

Bij het stelsel van gewogen loting worden vijf lotingsklassen gehanteerd. Deze vijf klassen worden aangeduid met de letters A tot en met E. Indeling in een van de klassen A tot en met E gebeurt op basis van het gemiddeld eindexamencijfer van mbo, havo (profiel), vwo (profiel) en Europees Baccalaureaat met Nederlands als 1e of 2e taal. Met een gemiddeld eindcijfer van een 8,00 of hoger is je lotingsklasse A en word je rechtstreeks toegelaten. Van alle andere vooropleidingen die toelating geven tot de opleiding vindt geen berekening van het gemiddelde eindexamencijfer plaats en volgt indeling in lotingsklasse C. 

De grenzen voor de verschillende klassen zijn als volgt: 

  • A hoger of gelijk aan 8,00
  • B kleiner dan 8,00 maar groter dan of gelijk aan 7,50 
  • C kleiner dan 7,50 maar groter dan of gelijk aan 7,00 
  • D kleiner dan 7,00 maar groter dan of gelijk aan 6,50 
  • E lager dan 6,50  

Inlotingskansen

De inlotingskansen in de verschillende inlotingsklassen verhouden zich onderling als volgt: B : C : D : E : = 9 : 6 : 4 : 3. 
Voorbeeld: Als in lotingsklasse B 80% van het aantal gegadigden inloot, dan loot in C 53% in, in D 36%, en in E 27%.